De kracht van Samen

HALK34.png hoofdartikel

Mede door alle turbulente ontwikkelingen in de wereld, ook in die om ons heen, heb ik mij de afgelopen tijd onderstaande vraag gesteld en geprobeerd daar al redenerend een antwoord op te vinden: “Willen wij als Achilles een vereniging zijn waar mensen consumeren wat georganiseerd wordt, of willen wij een gemeenschap zijn waarin leden samen verantwoordelijkheid dragen?”

Een vereniging als Achilles, die “de wind vol in de zeilen” heeft, krijgt, juist in een onzekere wereld zoals wij die vandaag de dag kennen, een extra verantwoordelijkheid: niet alleen sport organiseren, maar ook een plek zijn waar mensen leren samenwerken, verschillen verdragen en verantwoordelijkheid nemen. Dat gebeurt om ons heen niet vanzelf meer. Polarisatie, individualisering, tijdsdruk en afnemende vrijwillige inzet raken nagenoeg iedere sportvereniging in Nederland.

Toch hebben verenigingen iets bijzonders dat veel andere organisaties missen: mensen ontmoeten elkaar er fysiek, er lopen meerdere generaties door elkaar heen én er is één gezamenlijk doel. Dat maakt een club, ook de onze, juist nu waardevol, en pretenderen wij niet: “Achilles, méér dan een club”? Wat leden kunnen doen, begint minder bij “meer vrijwilligers werven” maar meer bij het versterken van verbondenheid.

Ik neem jullie mee aan de hand van onderstaande zeven onderwerpen.

1. Maak van de vereniging weer een gemeenschap
Mensen zetten zich als lid langdurig in als ze voelen ‘IK hoor erbij en IK word gezien’, oftewel MIJN bijdrage binnen de club doet ertoe! Dat vraagt onze aandacht voor het welkom heten van nieuwe leden en ouders, ruimte geven aan verschillende meningen, maar ook om diverse activiteiten te organiseren buiten alleen de wedstrijden. Kortom, een cultuur waarin mensen elkaar echt kennen. Een vereniging wordt kwetsbaar wanneer zij alleen nog een “sportdienst” levert.

2. Verlaag de drempel voor vrijwilligerswerk
Veel mensen willen best helpen, maar dan niet direct een bestuursfunctie voor drie jaar.
Werk met kleine afgebakende taken, maak tijdelijke projectrollen of “één keer helpen” momenten. Maak duo-functies waarin jongere leden meedraaien naast ervaren krachten.
Vraag dus niet: “Wie wil in de commissie?” Beter is de vraag: “Wie kan er zaterdag anderhalf uur helpen bij fluiten, vervoer of communicatie?” Bewezen is dat kleine betrokkenheid uiteindelijk vaak uitgroeit tot een grotere verantwoordelijkheid.

3. Geef jongeren écht eigenaarschap
Jongeren willen vaak wel bijdragen, maar niet alleen uitvoeren wat “oude(re)” generaties bedenken. Laat hen activiteiten organiseren, maar ook meedenken over sfeer en cultuur of laat hen sociale media beheren. Bovenal, laat hen actief deelnemen aan besluitvorming. Niet symbolisch, maar daadwerkelijk.

4. Oefen actief in het omgaan met verschillen
Polarisatie bestrijd je niet met regels alleen, maar met daadwerkelijke ontmoeting. Sportverenigingen kunnen daarin uniek zijn, omdat teams uit verschillende leeftijden, achtergronden en overtuigingen bestaan. Bij teamsporten is samenwerken een noodzaak, want winnen kun je alleen samen. Maak daarom ruimte voor gesprekken over respect, sportiviteit, omgangsvormen, inclusiviteit en de verwachtingen hierover binnen onze club. En maak dit dan niet zwaar of politiek, maar praktisch, begrijpelijk en dichtbij.

5. Bouw aan een cultuur van “samen dragen”.
Veel verenigingen draaien op een kleine groep vrijwilligers, lees als: altijd dezelfde mensen. Dat is op termijn niet houdbaar. Een gezonde vereniging gaat uit van iedereen draagt iets bij, naar vermogen. Dat kan zijn: teams rijden, bardienst draaien, communicatie organiseren, sponsoring zoeken en vasthouden, techniek, fotografie, archivering, organiseren van activiteiten of mentor zijn voor jeugdleden. Vrijwilligerswerk hoeft niet altijd zichtbaar of groot te zijn.

6. Waardeer mensen zichtbaar.
Vrijwilligers stoppen zelden vanwege de hoeveelheid werk alleen. Vaak stoppen ze omdat hun inzet vanzelfsprekend wordt gevonden. Waardering hoeft niet duur te zijn, want een persoonlijk bedankje of successen delen kost niets. Schenk aandacht op bijeenkomsten door daar jonge vrijwilligers zichtbaar te maken. En blijf oud-vrijwilligers betrekken bij de club. Een cultuur van oprechte waardering versterkt loyaliteit aan onze club.

7. Denk als vereniging vooruit
Een sterke vereniging kijkt niet alleen naar volgend sportseizoen, maar ook naar welke samenleving komt eraan en welke leden hebben we straks? Hoe houden we onze sport betaalbaar en toegankelijk voor iedereen? Welke taken binnen de club kunnen eenvoudiger of wellicht digitaler? Of welke samenwerkingen en met wie zijn nodig voor ons voortbestaan?
Daar horen ook bij een (nauwe) samenwerking met scholen en gemeenten. Maar ook andere verenigingen en maatschappelijke organisaties. Bijvoorbeeld het aanbieden van buurtsporten al dan niet met al bestaande organisaties. Eigenlijk is dit een pleidooi voor een verdere uitbreiding en intensivering van hetgeen onze club nu ook al doet.

Wat leden vandaag al kunnen doen
Heel concreet betekent dit voor ieder van ons: spreek nieuwe mensen bij binnenkomst actief aan, meld je aan voor een kleine taak of neem iemand mee naar de club. Steun jullie bestuur en haar commissies en klaag minder aan de zijlijn, maar denk mee in (haalbare) oplossingen.

En belangrijk: durf jongeren te vragen naar wat zij nodig hebben om zo samen te werken aan een veilige en positieve sfeer binnen onze club. De toekomst van onze vereniging wordt uiteindelijk niet bepaald door het bestuur alleen, maar door de cultuur die wij als leden samen creëren en onderhouden.

Een vereniging die saamhorigheid, verantwoordelijkheid en ontmoeting sterk houdt, kan juist in een verdeelde samenleving van vandaag een anker zijn of worden. Het onderwerp op zich raakt mijn inziens de kern van wat een vereniging in deze tijd kan zijn: niet alleen een plek om te sporten, maar ook een plek waar mensen leren samenleven.

Daarom meen ik oprecht dat wij, reflecterend op de 7 onderwerpen dat de gestelde vraag overwegend positief beantwoord kan worden. We zijn er nog niet helemaal, maar we zijn wel al een flink eind op weg.


Hans Lijmbach

 

Datum 27-05-2026 10:48
Tags